Onderzoekers van SEVEN werken mee aan een nationaal project van 6,6 miljoen euro over kennisveiligheid en de energietransitie
2 juni 2026
Het KNOWSEC-NL-project, getiteld ‘Fostering the Resilience of the Dutch Knowledge Sector: Knowledge Security and Research in a Geopolitical Context’, onderzoekt de dilemma's die voortvloeien uit het feit dat technologische innovatie in de EU afhankelijk is van internationale onderzoekssamenwerking op baanbrekende gebieden, waaronder kwantumtechnologieën, kunstmatige intelligentie (AI), biotechnologieën en schone energie. In een tijdperk van geopolitieke rivaliteit brengt dergelijke samenwerking risico's met zich mee van misbruik of strategische toe-eigening van gevoelige kennis en technologie. Het project onderzoekt hoe grote wereldmachten kennis en innovatie inzetten voor veiligheid, welke nadelen hieraan kleven en hoe deze kunnen worden aangepakt.
De betrokkenheid van SEVEN draait om de vraag die precies op het snijvlak van klimaatbeleid en veiligheid ligt: de materialen en technologieën die nodig zijn om de energietransitie te stimuleren, kunnen voor een aanzienlijk deel dezelfde technologieën zijn die door overheden zijn aangemerkt als veiligheidsrisico's.
Het halen van de doelstellingen van het Akkoord van Parijs is afhankelijk van technologieën zoals waterstofproductie en -opslag, kernenergie, en de fotonica en geavanceerde materialen die ten grondslag liggen aan alles van monitoring van offshore windenergie tot slimme netwerken en batterijsystemen. Veel van deze technologieën staan nu op lijsten van “gevoelige” technologieën, onder meer in de door Nederland voorgestelde screeningwetgeving (Wet screening kennisveiligheid), juist omdat ze ook voor militaire of dual-use doeleinden kunnen dienen.
Dit creëert spanning. Decarbonisatie in het vereiste tempo en op de vereiste schaal vragen om diepgaande internationale wetenschappelijke samenwerking, ook met landen als China, terwijl diezelfde samenwerking risico’s met zich meebrengt van misbruik of strategische toe-eigening van gevoelige kennis.
SEVEN wil bijdragen aan de kennis over hoe een verdedigbaar evenwicht kan worden gevonden tussen de samenwerking die decarbonisatie vereist en de bescherming van de veiligheid, en over de gronden daarvoor. Welke soorten materialen en technologieën die cruciaal zijn voor de energietransitie vormen daadwerkelijk risico's voor de kennisveiligheid? Welke rol spelen internationale verplichtingen met betrekking tot de energietransitie bij het vinden van dit evenwicht, en hoe kunnen vormen van samenwerking worden geïdentificeerd die beide belangen in evenwicht brengen? En hoe kunnen instellingen die op dit gebied onderzoek doen, worden ondersteund bij het vinden van dit evenwicht? Dit is de bijdrage die drie aan SEVEN verbonden onderzoekers leveren aan het consortium.
Voor SEVEN onderzoekt André Nollkaemper de internationaalrechtelijke dimensie: hoe internationale juridische verplichtingen – waaronder die welke wetenschappelijke samenwerking voor de energietransitie beschermen of vereisen, naast die welke de veiligheid beschermen – van invloed zijn op deze afweging, en welke normatieve voorwaarden – academische vrijheid, mensenrechten zoals non-discriminatie en het recht op wetenschap, en evenredigheid – hierin richting kunnen geven.
Joost Reek en Bob van der Zwaan leveren expertise over de aard en risico’s van de materialen en technologieën die centraal staan in het duurzaamheids- en energiebeleid, en over wat deze vanuit het perspectief van kennisveiligheid gevoelig maken.
Het doel van het project is een raamwerk te ontwikkelen dat instellingen helpt een evenwicht te vinden tussen internationale samenwerking en toenemende geopolitieke risico’s. Om dit te bereiken werkt het onderzoeksconsortium samen met praktijkmensen om het Nederlandse en Europese beleid te verfijnen, beste praktijken te verspreiden en onderzoeksteams op te leiden.
Dit werk maakt deel uit van een breder interdisciplinair initiatief onder leiding van Hylke Dijkstra en Mariëlle Wijermars van de Universiteit Maastricht, waarbij wordt samengewerkt met het TMC Asser Instituut, waarvoor Machiko Kanetake twee werkpakketten leidt.
Tot de mede-aanvragers behoren, naast de UvA, de Universiteit Twente, de Technische Universiteit Delft, de Rijksuniversiteit Groningen, de Universiteit Utrecht, de HU University of Applied Sciences Utrecht, de Koninklijke Academie voor Defensie, het Rathenau Instituut en het Centrum Wiskunde & Informatica.
Maatschappelijke partners zijn onder meer de Nederlandse ministeries van Buitenlandse Zaken en Defensie, SURF, Neth-ER, Amsterdam UMC, het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum en TNO, evenals internationale partners zoals het Koninklijk Technisch Instituut (KTH), het CISPA Helmholtz-centrum voor Informatiebeveiliging, de Universiteit van Luik, de Universiteit van Barcelona en het Science History Institute.